Frans de Vijlder

 
•••••••••

 

 

Samenwerken en publieke waarde creëren 

Tien jaar lang voerde HPBO de Regeling Innovatiearrangement uit. Ook in de toekomst blijft innovatie voor het beroepsonderwijs noodzakelijk, maar in hoeverre is dat mogelijk zonder subsidie? Innovisier+ blikt terug en kijkt vooruit aan de hand van publicaties van Frans de Vijlder.

Hoe moet het nu verder met het innoveren van het beroepsonderwijs nu de bomen niet meer tot aan de hemel reiken en er aan veel subsidieregelingen in het onderwijs een einde komt? Een lastige vraag, waar geen pasklaar antwoord op te vinden is. Frans de Vijlder, lector Goed Bestuur en Innovatiedynamiek in Maatschappelijke Organisaties aan de HAN, heeft er al in verschillende publicaties zijn licht over laten schijnen.

Pareltjes en dilemma's
In zijn rapport ‘Leren van het innovatiearrangement’ bijvoorbeeld, dat hij in 2012 samen schreef met collega-onderzoeker Marion Rozema, stelt hij dat de Regeling Innovatiearrangement ‘pareltjes van innovatie’ heeft opgeleverd. Hij ziet echter ook de dilemma’s waar scholen voor staan. Eén daarvan is de innovatieparadox: de tegenstelling tussen conserverende mechanismen binnen onderwijsinstellingen en de krachten om het onderwijs fundamenteel te veranderen. Verder constateert hij in het rapport dat onderwijsinstellingen beproefde innovaties onderling maar mondjesmaat verspreiden. Scholen leren dus nauwelijks rechtstreeks van elkaar als het gaat om innovatie.

‘Innoveren is geen doel op zich’

Maar uiteindelijk heeft gesubsidieerd innoveren in het beroepsonderwijs veel opgeleverd, concludeert De Vijlder in het rapport. De thematische innovatieagenda heeft redelijk goed gewerkt, hoewel deze in de praktijk soms wat flexibeler gehanteerd kon worden. En, heel belangrijk, scholen hebben van het innoveren zelf veel geleerd. De inmiddels bekende vijf sleutels voor effectief innoveren zijn hier een mooi voorbeeld van. Ook het besef dat innoveren geen doel op zich is, maar dat het toepassen en verspreiden van opgedane kennis minstens zo belangrijk is, kan volgens De Vijlder als een belangrijk leerpunt van de afgelopen jaren worden beschouwd.

Innovatie van onderop
Hoewel gesubsidieerd innoveren veel heeft opgeleverd, schuilt er ook een gevaar in, vertelt De Vijlder in een interview met  Innovisier+  in december 2014. ‘Enerzijds denkt de overheid soms iets te gemakkelijk dat met een subsidiepotje innovatie vanzelf wel op gang komt, anderzijds zie je dat het binnenhalen van die subsidie voor onderwijsinstellingen een doel op zich wordt, in plaats van een middel.’ In het interview pleit hij voor ‘innovatie van onderop’. Maar daarvoor moeten onderwijsprofessionals eerst meer ‘ondernemendheid’ en zelfsturend vermogen ontwikkelen.   

Tien vuistregels
De Vijlder geeft aan veel heil te zien in intensieve participatie van onderwijsinstellingen in het hele maatschappelijke domein. Hij schetst drie mogelijke toekomstscenario’s voor het innoveren van het beroepsonderwijs zonder subsidie, kortweg: op individueel niveau, op centraal geleid niveau en vanuit een regionale/grootstedelijke samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven. Samenwerken en een publieke waarde creëren ziet hij hierin als terugkerende elementen.

‘Vergeet de deelnemers niet!’

Hij schetst daarbij tien vuistregels die bij het innoveren een belangrijke houvast kunnen vormen, zoals zorgen voor een goede bedrijfsvoering en verantwoord risico’s durven nemen. En, stelt De Vijlder als tiende vuistregel, ‘vergeet vooral de deelnemers niet! Luister naar hen. Om hen is het allemaal begonnen!’ 

Checklist: waarom werken bedrijven samen met een ROC?

•    Werknemers kunnen een landelijk erkend diploma halen.

•     Het bedrijf heeft behoefte aan (grote aantallen)
      technisch geschoolde vakmensen.

•    Het bedrijf heeft behoefte aan direct inzetbare vakmensen.

•    In de beroepsopleiding kunnen theorie- en praktijkonderwijs
      worden toegespitst op de eigen bedrijfsprocessen.