Dossier Oneerlijke Concurrentie

dossier ONEERLIJKE CONCURRENTIE
••••••••••

Nieuwe ondernemingen worden doorgaans met argusogen bekeken door al bestaande bedrijven. Er begeven zich immers nieuwe concurrenten op de markt! 'Als iemand daar binnenstapt, blijven ze hier weg!' luidt de grootste angst. Ook als je een nieuwe hybride leeromgeving of leeromgeving met een hybride karakter opzet, is er een kans dat je als concurrent gezien wordt. Zelfs als valse concurrent: je studenten ontvangen geen loon, je krijgt ook nog onderwijsvergoeding en kunt stunten met lage prijzen. Althans, zo is het beeld van de boze buitenwereld.
Wat kun je doen om wrevel te voorkomen? Ervaringen en tips.

'Drie dagen na opening hadden we het eerste conflict'

Nog voor de eerste steen gelegd was, ging MBO Amersfoort (toen nog ROC ASA) het gesprek aan met horecaondernemers uit de regio. De onderwijsinstelling wilde immers niet dat het toekomstige leerhotel als 'oneerlijke concurrent' gezien zou worden. Er kwam een convenant en de bouw kon beginnen. Maar kort na de opening was het toch hommeles. Bert van Wede, directeur Leerbedrijven MBO Amersfoort Onderwijs in Bedrijf vertelt.

Geen betaalde reclame

'We hadden het, dachten we, allemaal goed afgekaart. In een gezamenlijk opgestelde convenant zijn harde afspraken opgenomen. Bijvoorbeeld dat wij alleen de deuren openen voor partners van MBO Amersfoort en onze toenmalige moederorganisatie. Andere gasten verwijzen we door naar de overige horecaondernemers. Verder maken we geen betaalde reclame voor het hotel. Het zijn afspraken waar we ons strikt aan houden. Daarnaast hebben we veelvuldig en uitgebreid uitgelegd dat ons leerhotel pareltjes opleidt in een leeromgeving die niet alleen als de echte praktijk voelt, maar ook de echte praktijk is. Waardoor de lokale horecagelegenheden elk jaar hun crew met vakmensen kunnen versterken.'

Uithangbord

'We zagen dus geen beren op de weg. Kort na de opening, op 1 april 2007, klopte de gemeente bij ons aan. Of de jaarlijkse lintjesregen op 29 april bij ons georganiseerd kon worden. Er zouden 400 gasten komen. Prachtopdracht natuurlijk! Van een van onze partners, nota bene. Maar op 4 april ontstond er commotie: er kwam een melding van oneerlijke concurrentie. De zaak werd nog eens aangewakkerd door de free publicity die we bij de opening kregen. Tja, het is een mooi gebouw en een mooi concept. Wij kunnen er dus niets aan doen dat de media daar aandacht aan willen besteden. Maar sommige ondernemers zagen dat anders. Het Bureau Eerlijke Mededinging (BEM) van Koninklijke Horeca Nederland dook er vol op en eiste bij de gemeente handhaving. Gelukkig is de gemeente voor ons in de bres gesprongen: Amersfoort ziet het leerhotel als uithangbord voor onze gemeente. Geen handhaving dus. We konden doorgaan en hebben vervolgens laten zien wat we doen en kunnen. De ondernemers zagen dat onze stagiaires steeds beter werden: toekomstig goud voor hun eigen onderneming.'

Ruis verdwenen

'Gelukkig zijn de banden met de reguliere horeca vanaf 2010 steeds hechter geworden, ook omdat er vanuit het Leerhotel allerlei evenementen georganiseerd worden, die ook voor onze collega-ondernemers interessant zijn. Zo organiseren we twee keer per jaar Expo Dix, een evenement met demonstraties, proeverijen, workshops en netwerksessies om je deskundigheid te bevorderen. Dit is voor onze studenten, maar ook voor de horecaprofessionals van restaurants, hotels en andere regionale uitspanningen. Door de steeds grotere verbinding is de ruis verdwenen.'

Tip 1: Neem je concurrenten mee in je plan

Er komt nogal wat op je af als je een hybride leeromgeving neerzet. Je moet iedereen – ook je concurrenten, meenemen in je plan. Alleen als je urgentie en ‘geloof in’ overbrengt, kun je partijen overtuigen dat de leeromgeving geen bedreiging is voor het reguliere bedrijfsleven.

Tip 2: Zorg voor verbinding in de regio

Door uitstekende vakmensen af te leveren laat je zien dat je leeromgeving iets toevoegt aan het regionale bedrijfsleven. Maar omdat je toch al samenwerkt met ondernemingen en overheid, kan jouw leeromgeving een vliegwiel zijn voor verdere samenwerking tussen de befaamde drie O’s.

Tip 3: Maak heldere afspraken met 'concurrenten'

Spreek bijvoorbeeld af dat je alleen maar werkt voor je partners en dat je in alle andere gevallen doorverwijst. Door alle partijen voortijdig te betrekken, leg je een fundament waarop je kunt bouwen. Zaak is dan wel om je afspraken echt na te komen.

Tip 4: Zorg voor een open en transparante bedrijfsvoering en integriteit

Een hybride leeromgeving is met meer risico’s omgeven dan onderwijs dat uitsluitend in een publieke omgeving wordt verzorgd. Leg dus maximale verantwoording af, zodat voor iedereen duidelijk is wat de doelstellingen, de risico’s, de omvang en de opbrengsten zijn. Houdt de administratie transparant en zorg voor een solide integriteitbeleid om vermoedens van belangenverstrengeling te voorkomen.

Tip 5: Ga niet stunten met de prijzen

Het leren staat centraal, niet de commerciële opbrengsten. Geert Swinkels, De Waterfabriek: ‘Al te grote orders nemen we ook niet aan. We moeten hier de tijd hebben om te reflecteren. Om de productie even stil te zetten. Liever hebben we enkele kleine orders, van 4.000 stuks of zo. Dan hebben we meer verkoopgesprekken (en dus meer leermomenten).’

Tip 6: Maak er een BV van en zoek hierbij een partner

Bert van Wede: ‘In een BV-vorm zijn de risico’s beter afgedekt en bovendien houdt deze vorm van ondernemen je scherp in de markt.’

Tip 7: Houd andere ondernemingen een spiegel voor

Soms wordt er al te gauw met de vinger naar je gewezen. Terwijl andere ondernemingen soms ook dingen doen die je zou kunnen scharen onder 'oneerlijk concurreren'. Bert van Wede heeft een mooi voorbeeld: 'Mijn stamkroeg organiseert elk jaar een bluesfestival. Dat kan financieel alleen als er ook vrijwilligers achter de bar gaan staan. Is mijn stamkroeg hierdoor een oneerlijke concurrent? Ikzelf vind van niet.'