Wat kenmerkt 'n goede schoolleider?

'n goede schoolleider?

Wat kenmerkt

 
••••••••••

 

Wanneer is iemand een goede projectleider?

Wat doet een projectleider in het beroepsonderwijs?
Een projectleider is een procesbegeleider. Hij zorgt ervoor dat een innovatief concept concreet vorm krijgt binnen het onderwijs. Daarvoor brengt de projectleider verschillende belanghebbenden bij elkaar. Dat zijn niet alleen scholen, maar ook bedrijven, kenniscentra en andere partijen. Hij laat deze groepen - die soms tegengestelde belangen hebben - samenwerken. Hierbij betrekt hij volop zijn landelijke netwerk en stelt een duurzaam doel vast, dat de belangen van de verschillende partijen ontstijgt. Gedurende het hele project zorgt de projectleider ervoor dat het project onder de aandacht van een zo breed mogelijk publiek komt. Een projectleider is naast procesbegeleider dus ook ambassadeur van het project.

Hoe kun je als projectleider nagaan of je op koers zit qua resultaten?
Door systematisch zowel de product- als de procesvoortgang te monitoren. Tijdens conferenties bijvoorbeeld kan een projectleider deelnemers laten enquêteren en zo kijken of iedereen nog de vooruitgang ziet die nodig is om de projectdoelen tijdig te halen. Ook vergaderingen kunnen als moment dienen om de voortgang van het proces te bespreken.

Welke kwaliteiten heeft een goede projectleider?
Een goede projectleider weet verschillende partijen te verbinden en een breed draagvlak voor zijn project te creëren. Daarnaast is hij vasthoudend en laat zich niet snel uit het veld slaan door een tegenvaller in het proces. Verder is hij hard op het resultaat, maar zacht op de mensen. Deelnemers aan een innovatief project krijgen de ruimte om in hun eigen tempo mee te doen en soms het project voor zichzelf on hold te zetten, bijvoorbeeld als ze in beslag worden genomen door reorganisatiebeslommeringen. Ondertussen houdt de projectleider de voortgang van het proces en het budget scherp in de gaten. Successen worden gevierd, ook de kleine. Een goede projectleider creëert een open leerklimaat waarin deelnemers niet afgerekend worden op hun fouten. Verder denkt de projectleider voortdurend van buiten naar binnen: hij weet wat de partijen buiten het beroepsonderwijs - vaak het bedrijfsleven - belangrijk vinden en kan goed schakelen tussen de verschillende partijen. Last but not least beschikt een goede projectleider over een helikopterview.

Welke zaken maken het projectleiderschap soms lastig?
Het lastige voor projectleiders is dat ze - in tegenstelling tot een directie - geen formeel gezag hebben om iets te veranderen. Zij moeten de verandering teweeg brengen vanuit hun opdracht en professionaliteit. Daarvoor is veel overtuigingskracht nodig, waarmee ze alle lagen in een onderwijsorganisatie moeten bereiken: zowel bestuurders als directieleden plus P&O als de docenten plus werkbegeleiders. Dat vergt een goede politieke antenne, want er is niet altijd automatisch bestuurlijke goodwill voor een project. En die is wel nodig, wil een project organisatiebreed draagvlak krijgen.

Ideeën voor het oprapen

‘We hadden een heel vernieuwend en goed idee, maar we kregen geen steun van het management’. Het is een veel gehoorde klacht in het onderwijs. Klopt het en zo ja: wat is de oorzaak? Welk type schoolleider zorgt voor succesvolle innovaties? Deze en andere vragen stelde Innovisier + aan ervaringsdeskundige en oud-CvB’er Engel Antonides.

 

Waarom moeten scholen eigenlijk innoveren? 
‘Ontwikkelingen in het werkveld zijn – in ieder geval in het beroepsonderwijs – een belangrijke reden om een opleiding te vernieuwen. Onderwijsinstellingen moeten hun opleidingen natuurlijk laten aansluiten op het bedrijfsleven. We willen tenslotte studenten voorbereiden op de toekomst. Het is dan overigens wel de kunst om echt samen te werken met innovatieve bedrijven. Soms is de reactie: “leuk idee, maar verwacht niet dat wij er geld insteken of studenten begeleiden.” Daar heb je dan als school niet zoveel aan.’

Zijn er ook nog andere redenen om te vernieuwen?
‘Zeker. Het aantrekkelijker maken van een opleiding bijvoorbeeld. Dat dient meestal een dubbel doel: het aantrekken van studenten en het moderniseren van een bepaalde studierichting of opleiding.’

Waarom steunen schoolleiders innovatieve plannen niet altijd?
‘Meestal zit daar wel een goede reden achter. De belangrijkste: het idee is niet goed. Maar soms is er eenvoudigweg ook geen geld voor. Medewerkers overzien niet altijd de effecten van vernieuwingen.’

U heeft zelf verschillende mooie innovatie-ideeën aangedragen.
Waar komen die vandaan?

‘In 2013 heb ik als CvB-voorzitter van het Alfa-college het initiatief genomen tot een nieuwe onderwijsspecialisatie: bevingsbestendig (ver)bouwen. Eigenlijk ligt zo’n idee voor het oprapen: het Noorden wordt voortdurend geteisterd door aardbevingen. Vreemd genoeg was er hier in de regio nog geen enkele bouwopleiding die hier iets mee deed. Het bedrijfsleven vond het meteen een goed idee. We hebben het samen met de NAM, de Rijksuniversiteit Groningen en de Hanzehogeschool opgepakt. Maar het is wel waar: vernieuwing hangt samen met personen. Iemand moet een idee oppikken: uit de krant, uit het werkveld.’

Welk type schoolleider zorgt voor succesvolle innovaties?
‘Je moet ondernemend zijn en je ogen en oren open houden. Anders kun je geen signalen oppikken. Daarbij is het belangrijk dat je jouw idee goed kunt overbrengen en mensen de ruimte kan geven om er “iets van te vinden”. Als je als schoolleider of CvB’er alleen op de winkel past – in zekere zin vastgeroest zit – gaat dat vernieuwen niet lukken. Natuurlijk zijn er altijd fasen of momenten waarin innovaties vrijwel onmogelijk zijn. Denk aan tijden van bezuinigingen en/of reorganisaties, hoewel die ook een signaal kunnen zijn dat je juist iets moet veranderen.’

Stel dat je zelf bruist van de ideeën, maar je medewerkers staan er totaal niet voor open, hoe krijg je de rest dan mee?
‘Toen ik het idee opperde voor de opleiding bevingsbestendig bouwen, waren er een paar mensen die dit totaal niet zagen zitten. Ik vond dat eerlijk gezegd teleurstellend. Gelukkig zaten in hetzelfde team ook een paar enthousiastelingen. Daar ben ik toen verder mee gegaan. Als je niemand voor je innovatie kunt winnen, is het zinloos. Je hebt altijd een groepje nodig dat erin meegaat en een soort multipliereffect veroorzaakt. Maar als je idee echt goed is, vind je altijd mensen die erin mee willen gaan.’

Voorwaarden voor succesvolle innovatie volgens Engel Antonides
  • Een goed idee.
  • Voldoende financiële middelen.
  • Medewerkers die erin meegaan.
  • Een enthousiaste projectleider die voor continuïteit zorgt.
En natuurlijk een schoolleider die in het idee gelooft en zich erachter schaart.